NRC: Turkije laat zien hoe verdeeld het Westen is

‘Een provocatie richting de hele beschaafde wereld” noemde een Griekse minister het en de paus zei dat de beslissing hem pijn deed. Het zijn een paar reacties op Turkijes besluit om van de Hagia Sofia weer een moskee te maken. Uiteindelijk is dit besluit symboolpolitiek: een gemakkelijke manier om tegen het hele Westen op te staan zonder de eigen landsgrenzen te hoeven verlaten. Het leidt daarmee ook onze aandacht weg van gewichtigere handelingen die wel over grenzen heen gaan. In het bijzonder op het water.

In juni vond in de Middellandse Zee een confrontatie plaats tussen schepen van Turkije en Frankrijk. Franse schepen waren op missie om een wapenexport naar Libië tegen te gaan en werden door Turkse schepen bedreigd toen ze een schip wilden tegenhouden. Frankrijk is woedend en wilde afgelopen week dat Europa sancties zou opleggen. Om te begrijpen waarom dat niet lukt, moeten we een stap terug doen.

Turkije is onder Erdogan mondiaal assertiever geworden. De laatste tijd richt het beleid zich echter ook meer op het water. Het gaat om strategische toegang tot de Middellandse Zee en de Zwarte Zee, maar vooral ook om energie die op de zeebodem gewonnen kan worden. Zo lijkt Turkije de laatste tijd een theorie omarmd te hebben van oud-admiraal Cem Gurdeniz, de doctrine van het ‘blauwe thuisland’ (‘mavi vatan’). Dat betreft een maritieme ring om het land die volgens hem even goed verdedigd moet worden als de landsgrenzen van Turkije. De claim op water in de Egeïsche Zee maakt Griekenland nerveus.

Afgelopen december kwam Turkije met Libië tot een grens van economische zones in de Middellandse Zee waar nog meer landen in de regio tegen protesteerden. Die grens loopt precies langs de rand van het ‘blauwe thuisland’. De steun van Turkije voor Libië kunnen we vanuit die maritieme ambities begrijpen.

Nu komen we bij Europa’s verdeeldheid. Terwijl Turkije een grootmacht in de oostelijke Middellandse Zee aan het worden is, is Frankrijk dat in de westelijke helft. Al jaren poogt het hier met militaire en economische middelen een invloedssfeer te ontwikkelen. In Libië botsen beide regionale machten nu en daar wordt het complex.

De partij die Turkije namelijk steunt is de regering in Tripoli, de GNA, die door de VN is erkend en door de meeste landen als de rechtmatige regering wordt beschouwd.

Frankrijk steunt echter de LNA onder leiding van generaal Haftar in het oosten van Libië en doet dat net als landen als Rusland, de VAE en Saoedi-Arabië. Het bizarre is dat in Libië de twee Europese buurlanden Italië en Frankrijk aan tegenovergestelde zijde staan in een bloedig conflict. Die verdeeldheid binnen Europa biedt landen als Turkije de mogelijkheid om het initiatief naar zich toe te trekken.

Het zal moeilijk zijn om het Franse gevoel voor grandeur in te tomen, maar het is wel noodzakelijk. Het kan niet zo zijn dat Europese landen elkaar rond de Middellandse Zee tegenwerken en daarmee de unie als geheel bedreigen. De onderhandelingen met de VS en over de Brexit laten zien dat gemeenschappelijk Europees buitenlandbeleid wel degelijk mogelijk is.

Kritiek op de Turkse beslissing over de Hagia Sofia is in die zin ook voor ons symboolpolitiek: een gemakkelijk onderwerp om te suggereren dat wij het in Europa met elkaar eens zijn. Veel leerzamer is het Turkse beleid op het water dat namelijk een spiegel is voor onze onderlinge verdeeldheid. Zolang dat het geval is, zullen anderen een beslissende rol spelen aan onze grenzen.

Share